Roussillon, anno 1950 en nu

P1030793Frankrijk: Les Bassaquet in de Luberon,
30 mei 2013,

Twee glazen rosé kosten 12 euro. Het zijn kleine Franse glaasjes en het is een gemiddelde wijn. Maar we zitten dan ook op een terras in één van Les Plus Beaux Villages de France: Roussillon. En het uitzicht alleen al, is ook wel 12 euro waard: we kijken uit over de typische gekleurde huizen met de lichtblauwe houten luiken, de prachtige rode en okergele rotsen van dit dorp, de groene heuvels met wijnranken, de bergen in de verte en een strakblauwe lucht.

Roussillon is een van de toeristische trekpleisters van de Luberon én een chique dorp. Er zijn een aantal goede restaurants, je vindt er mooie winkels met bosjes lavendel, zakjes met verschillende kleuren oker, goede wijnen en en allerlei andere Provençaalse souvenirs. Rijke Amerikanen nippen op terrassen aan hun Ricard en op de wekelijkse brocante slenteren Japanners. Een vakantiehuis huren in het laagseizoen lukt nog wel voor 1000 euro per week, maar als je een optrekje wil kopen, betaal je al snel 1 miljoen euro.

Niet zo heel lang geleden was het hier compleet anders. In 1951 besloot de Amerikaanse antropoloog Laurence Wylie zijn sabbatical als hoogleraar hier door te brengen. Hij nam zijn vrouw en twee kinderen mee, gaf Engelse les op de lokale school, bleef een heel jaar en schreef daarna een boek. Hij gaf het dorp de fictieve naam Peyrane om de inwoners een zekere anonimiteit te geven.
Roussillon was destijds een dorp met ongeveer 700 inwoners. Vele huizen hadden nog geen toilet, er waren twee telefoontoestellen aanwezig, er reed wekelijks een bus naar Avignon en de enige koelkasten van het dorp stonden in de vijf groentewinkels die het dorp rijk was.
Het boek Village in the Vaucluse leest als een roman. Je krijgt een beeld van de levens van de inwoners, wat voor werk ze doen, hoe ze hun vrije tijd besteden, hoe ze hun kinderen opvoeden en hoe hun oude dag eruit ziet. We leren de truffelkoning Raymond Caizac kennen, de zelfbenoemde intellectueel Edouard Pascal en de hoteleigenaar Julien Vincent.

Wylie keerde na het schrijven van het boek nog een aantal malen terug. In de derde druk is het hoofdstuk ‘Twenty Five Years Later” toegevoegd. De antropoloog constateert grote veranderingen: inwoners doen hun boodschappen in een grote supermarkt in de stad, er is een kunstgalerie, veel huizen worden bewoond door ‘stadsmensen’ en het sociale leven is compleet anders dan in de jaren ’50. “City people like to think of rural communities as unchanging, but we have seen in Peyrane, as in Chanzeaux, shifts in the population and changes in the life-style generally have been more steady and more rapid than is commonly assumed”, schreef Wylie in 1974.
Die constateringen zijn inmiddels alweer bijna 40 jaar oud. Een nawoord schrijven over de situatie anno 2013 kan helaas niet meer. De auteur overleed in juni 1996, op 85-jarige leeftijd. Maar misschien had hij dezelfde conclusie over dit dorp getrokken als in de eerste editie van zijn boek uit 1957: “As Adam and Eve were to return to life as they did in the Gaumont movie, they might well choose Peyrane as their Paradise Regained. Compared to most communities in the world today, Peyrane is well off. Its pattern of life seems balanced and sane. There is a bit of madness in the relationship of the Peyranais with the rest of the world. But when we look at life there and elsewhere it is not always clear on which side the madness lies.”